Ervaringen met de wet BETS

In het najaar van 2017 ging de wet Bescherming Erfgenamen Tegen schulden in, afgekort als de wet BETS. Dat is dus nog niet zo lang geleden en daarom is iedereen benieuwd hoe het nu gaat en hoe deze wet in de praktijk werkt.

Deze wet maakt het mogelijk om een nalatenschap alsnog beneficiair te mogen aanvaarden, ook al is daarvoor de wettelijke termijn van drie maanden waar binnen je moet beslissen verstreken. En ook al heb je je gedragen als erfgenaam. Als er na die tijd alsnog schulden blijken te zijn, waarvan je niet tijdig op de hoogte kon zijn, dan kun je dus jezelf beschermen zodat je deze schulden niet uit eigen middelen hoeft te betalen. Je hoeft dan alleen maar te betalen met het geld uit de nalatenschap. En als dat niet genoeg is, wordt de rest kwijtgescholden.

Mijn ervaring is dat deze wet prima werkt en een grote opluchting voor de nabestaanden kan betekenen. Inmiddels heb ik diverse keren met succes een beroep gedaan op deze wet.

De eerste keer ging het om de nalatenschap van iemand die net vóór de ingangsdatum van deze wet overleden was. Nadat alles al bijna was afgewikkeld bleek er een schuld te zijn. Ik besloot het er maar op te wagen, maar wist helemaal niet wat ik moest doen. Niemand had nog ervaring. Ik heb de rechtbank opgebeld om de situatie uit te leggen. Ik kreeg te horen dat ik een brief moest schrijven en bewijsstukken van de schuld moest bijvoegen. Dat heb ik gedaan en toen kwam de akte beneficiaire aanvaarding heel vlot.

Daarna heb ik het steeds zo gedaan. Ik schreef een brief waarin ik de situatie uitlegde. En daarbij verklaarde ik ook waarom er niet tijdig een akte beneficiaire aanvaarding was aangevraagd. Die brief stuurde ik dan samen met de aanvraagformulieren van de erfgenamen naar de rechtbank. Als ze beschikbaar waren, voegde ik bewijsstukken bij. Bij enkele de zaken waar we minder dan een maand te laat waren, waar dus de drie-maandentermijn maar net versteken was, had ik soms geen bewijsstukken om bij te voegen.

Na enige tijd ontving ik dan altijd een akte met de post en dan was de nalatenschap beneficiair aanvaard. Hoe precies de beslissing wordt genomen, weet ik eigenlijk niet. Het lijkt alsof er na een beroep op de wet BETS een gerechtelijke uitspraak zal volgen. En misschien is dat ook wel zo. Maar die wordt mij niet apart gestuurd.

Aan het schrijven van de brief besteed ik overigens veel zorg. Ik heb voor ogen dat er geen herkansing is, maar dat de beslissing wel door mensen genomen zal worden. En dat rechters ook wel zullen begrijpen dat het geen zin heeft om nabestaanden, die niets aan de situatie kunnen doen, met enorme schulden te laten zitten, die ze nooit zullen kunnen betalen. En dat het mijn taak is om goed uit te leggen wat er precies aan de hand is en wat de reden is van deze late aanvraag. De nabestaanden zijn daar zelf niet toe in staat. Zij zijn vooral in paniek en bovendien niet handig in het schrijven van brieven.

Zo heb ik al heel wat mensen kunnen helpen. Zij kunnen nu verder gaan met hun leven zonder een enorme schuld van hun overleden dierbare mee te hoeven torsen. Iets wat voordat we de wet BETS hadden niet mogelijk zou zijn geweest.

Carla van der Heijden

Opgelucht, dankzij de wet BETS

Huilend had ik haar aan de telefoon. De zorgverzekering wilde meer dan 20.000 euro terugvorderen voor teveel uitgekeerde vergoedingen voor zorg aan haar moeder. Haar moeder was nu al weer een maand of 7 geleden overleden. Ze had jarenlang intensief voor haar gezorgd, en dat met haar eigen gezondheid moeten betalen. Na het overlijden had ze alles opgeruimd en de huurwoning in orde gebracht. Omdat haar moeder niets naliet had ze de uitvaart en de rekeningen die er nog waren zelf maar betaald. Toen was haar geld op en daarom trof ze voor de belastingschuld van bijna €400,- een regeling. Ze zou het met €20,- per maand afbetalen.

En nu dus die €20.000,- . Ze was wanhopig. Nooit zou ze dit kunnen betalen. De medewerkster van de zorgverzekering had haar verwonderd gevraagd of ze dan niet beneficiair aanvaard had, aangezien er kennelijk zo weinig baten waren. Nee, dat had ze niet, daar had ze nooit van gehoord. De vriendelijke dame adviseerde haar via Google hulp te zoeken en zo kwam ze bij ons terecht.

Dat was dus 7 maanden na het overlijden van haar moeder en ook nadat ze een regeling met de belastingdienst had getroffen voor het afbetalen van een schuld van haar moeder. Daar is ze kennelijk niet gewezen op de mogelijkheid van beneficiair aanvaarden, waarmee ze dit niet zou hoeven te betalen, terwijl de belastingdienst daar toch heus wel van op de hoogte is en er veelvuldig mee te maken heeft.

Navraag bij de zorgverzekering leverde op dat er bij de zorgindicatie iets fout was gegaan. En eigenlijk ook bij henzelf, door alle declaraties uit te keren, terwijl het maandbudget toch ruim overschreden werd. En het is natuurlijk niet zo handig van hen dat ze daar dan zoveel maanden na overlijden pas achter komen. Dat gaven ze allemaal wel toe. En ze begrepen dat de erfgenamen dit bedrag misschien niet zouden kunnen betalen. Maar de fouten herstellen of het gewoon kwijtschelden konden ze niet. Dat zouden ze natuurlijk wel kunnen als er beneficiair aanvaard was, op vertoon van een akte dus.

Daarom deed ik een beroep op de wet Bescherming Erfgenamen Tegen Schulden. Ik schreef een uitgebreide brief naar de rechtbank, en voegde daar, behalve de noodzakelijke papieren, ook de brief van de zorgverzekering bij. Om niets aan het toeval over te laten stapte ik op de fiets om dit alles persoonlijk bij de rechtbank af te geven. De medewerkster die het in ontvangst nam schrok van het bedrag op de brief van de zorgverzekering en uit haar houding meende ik op te maken dat ze dacht: ‘als dit geen reden is voor een beroep op de wet BETS, wat dan wel?’ Ze adviseerde me het bewijs van betaling van de griffiekosten alvast naar de zorgverzekering te sturen.

Maar daarmee hadden we nog geen akte. Die kwam pas na ruim een maand. Een heel spannende maand, dat wel.

Daarna was het nog wel een hele toer om de zorgverzekering zover te krijgen dat ze de schuld echt afboekten en het dossier sloten. Ze gaven zich niet zomaar gewonnen, terwijl zij toch echt ook zelf een grote fout hadden gemaakt en er geen baten in de nalatenschap zaten, om zelfs maar de vereffeningskosten te dekken.

Uiteindelijk kwam alles helemaal in orde en konden de nabestaanden verder met hun leven.

Carla van der Heijden